De straat op … ?

1 februari is de preek gebaseerd op les 12 van het boek Missional Essentials.

 

Laatste preek in onze prekenserie “Dit is Het!” over de Missie van God en onze rol als kerk in deze missie.

“God heeft geen missie voor zijn kerk, maar een kerk voor Zijn missie”

 

God is degene die vanaf het begin van de tijden een plan heeft met deze wereld, een goed plan.

En wij mensen met elkaar zijn er uitermate goed in gebleken om Gods plan, Gods missie te frustreren.

Maar Gods liefde is groter dan onze onwil en onvermogen: Hij houdt zich aan zijn Woord.

Het hoogtepunt en de vervulling van Gods plan is dat Hij zijn eigen Zoon, Jezus, naar de mensen stuurt om ons te redden van onszelf en alles wat we over onszelf hebben afgeroepen.

 

Jezus sterft aan het kruis, wordt begraven en op de derde dag wekt God Hem op uit de dood – een nieuw begin!

De dood, de laatste vijand, of je nu een goed of een slecht leven hebt, rijk of arm bent, man of vrouw – allemaal zullen we, zonder uitzondering, op een dag doodgaan.

Maar door Jezus uit de dood op te wekken liet God zien dat de dood niet het laatste woord heeft, maar dat God het laatste woord heeft.

Op een dag zal Hij alle dingen nieuw maken, wij zullen uit de dood opstaan en leven in Gods nieuwe wereld in een nieuw lichaam

 

Met de opstanding van Jezus luidde God het begin van die nieuwe wereld, van Zijn koninkrijk, in.

 

Voor de eerste christenen betekende Jezus geloven en Hem volgen dat ze nu al waren overgaan van de dood naar het leven, van het koninkrijk van duisternis naar het koninkrijk van licht, het Koninkrijk van Gods Zoon. Je oude leven nam je niet mee in het nieuwe Koninkrijk. Dat oude leven is dood: “met Christus gekruisigd”, zoals dat zo mooi heet.

 

Jezus maakt steeds duidelijk dat Gods koninkrijk totaal anders is dan alle andere koninkrijken die wij kennen.

Wie de belangrijkste wil zijn, moet de minste zijn – Jezus wast de voeten van zijn leerlingen

Niet grote legers en tanks, maar “zachtmoedige mensen zullen de aarde beërven”.

Vele eersten zullen de laatsten zijn, en vele laatsten de eersten…

 

Kortom – compleet anders!

 

Gods koninkrijk is een nieuwe maatschappij, met een nieuwe cultuur, nieuwe gewoontes en gebruiken, alles nieuw.

Ook een nieuwe familie! Want, zegt Jezus, alleen wie opnieuw geboren wordt, kan het koninkrijk van God binnengaan (Johannes 3:3)

In dat koninkrijk worden we niet geboren als wezen, maar in een nieuwe familie – de familie van Jezus.

 

Jezus deinsde er niet voor terug om af en toe schokkende statements te maken waarin het verschil tussen het oude en het nieuwe koninkrijk duidelijk werden

Mattheus 12:46 Terwijl hij nog met de mensen in gesprek was, dienden zich buiten zijn moeder en zijn broers aan. Ze vroegen hem dringend te spreken. 47 Iemand  zei tegen hem: ‘Uw moeder en uw broers staan buiten, ze willen u spreken.’ 48 Hij antwoordde: ‘Wie is mijn moeder en wie zijn mijn broers?’49 Hij maakte een gebaar naar zijn leerlingen en zei: ‘Zij zijn mijn moeder en mijn broers. 50 Want ieder die de wil van mijn Vader in de hemel doet, is mijn broer en zuster en moeder.’

 

Voor ons, moderne, individualistische mensen, is dit al een redelijk schokkende uitspraak.

Hoe schokkend moet het zijn geweest voor de luisteraars van Jezus, mensen uit een cultuur waarin familie en ouders het belangrijkste zijn in je bestaan.

 

Familie is niet meer op basis van bloedbanden, maar op basis van onze gehoorzaamheid aan Jezus.

 

Francis Schaeffer, de amerikaans filosoof en theoloog zei op grond van Johannes 17 –

Joh. 17:21 Laat hen allen één zijn, Vader. Zoals u in mij bent en ik in u, laat hen zo ook in ons zijn, opdat de wereld gelooft dat u mij hebt gezonden.

 

“de beslissende apologie (geloofsverdediging) die Jezus ons oplegt [is] de waarneembare liefde van ware christenen jegens ware christenen.

 

Indien de wereld deze tot de grond doorgevoerde praktische liefde niet ziet, zal zij niet geloven dat Christus door de Vader gezonden was. Want de mensen zullen niet geloven alleen op grond van de juiste antwoorden die zij gekregen hebben. Deze twee mogen niet in tegenstelling tot elkaar gebracht worden. De wereld moet de juiste antwoorden hebben op haar eerlijke vragen, maar tegelijkertijd moet er een eenheid in liefde zijn tussen alle ware christenen. Dit is nodig, willen de mensen weten dat Jezus door de Vader gezonden en dat Zijn leer waar is.

 


Jezus zegt over de kerk: (Mattheus 5) Jullie zijn het licht in de wereld.

 

Een stad die boven op een berg ligt, kan niet verborgen blijven.15 Men steekt ook geen lamp aan om hem vervolgens onder een korenmaat weg te zetten, nee, men zet hem op een standaard, zodat hij licht geeft voor ieder die in huis is. 16 Zo moet jullie licht schijnen voor de mensen, opdat ze jullie goede daden zien en eer bewijzen aan jullie Vader in de hemel.

 

“Licht zijn” begint o.a. met het besef dat we Jezus’ nieuwe familie zijn.

Op het moment dat de kerk vergeet dat ze Jezus’ familie is, en dus ook familie van elkaar zijn, heeft dat gevolgen.

 

Dat lezen we bijv. in de brief van Paulus aan de kerk in Korinthe.

In H3 lezen we dat er iemand is die dingen doet die zelfs niet-christenen schandelijk zouden vinden.

Paulus verwijt de kerk dat zij deze man gewoon zijn gang hebben laten gaan. Dit schrijft hij (BGT)

 

1 Kor. 5 “Wees er niet trots op dat bij jullie alles mag. Let op: een klein beetje gist heeft invloed op het hele deeg. Ik bedoel daarmee: door de invloed van één slecht mens wordt de hele groep slecht.

7 Daarom moeten jullie de man die verboden seks heeft, uit de kerk zetten. Voor slechtheid is geen plaats meer, want jullie vormen met elkaar Gods heilige kerk. En Christus is voor jullie gestorven. Hij is het lam voor de paasmaaltijd. Het ware Paasfeest is dus gekomen, en wij mogen nu voor altijd het Feest van het Brood zonder Gist vieren. 8 Dus weg met alle slechtheid! Laat iedereen alleen nog maar het goede doen. Want de tijd is gekomen om ons nieuwe leven te vieren.

 

Hoor je wat Paulus zegt?

Jullie zijn familie van elkaar, niet zomaar familie, maar Jezus’ familie! Jezus is voor jullie gestorven!

“Ja, maar…het is toch maar één iemand?

Nee, zegt Paulus, één klein beetje gist, zuurdesem, maakt het hele deeg zuur – een klein beetje zonde heeft effect op de hele familie!

 

Nog een voorbeeld

1 Kor 8 Jullie mogen inderdaad vlees eten dat aan afgoden geofferd is. Maar maak het christenen met een zwak geloof niet moeilijk!

10 Stel dat je weet dat afgoden geen enkele macht hebben. En je gaat naar een tempel, en daar eet je vlees dat aan afgoden geofferd is. En stel dat daar ook een christen is met een zwak geloof. Dan is de kans groot dat hij met jou meedoet, en ook dat vlees eet. 11 Maar daardoor verliest hij misschien zijn geloof. En zo breng jij dan zijn redding in gevaar. Maar Christus is ook voor hem gestorven! 12Iedereen die zich slecht gedraagt tegenover een christen met een zwak geloof, gedraagt zich slecht tegenover Christus.

13 Stel dat ik het geloof van een ander in gevaar zou brengen door het vlees dat ik eet. Weten jullie wat ik dan zou doen? Dan zou ik helemaal nooit meer vlees eten!

 

Hoor je wel eens christenen zeggen: “Ja, maar… het is toch zijn persoonlijke geloof?”

Een persoonlijke relatie met Jezus is belangrijk, begrijp me niet verkeerd, maar Paulus maakt heel duidelijk dat onze persoonlijke relatie met Jezus nooit losstaat van onze relatie met de familie van Jezus. Mijn persoonlijke keuzes hebben een effect op jullie, omdat we samen deel zijn van Jezus familie.

En Paulus laat zien dat deze relatie zo belangrijk is, dat hij, als het nodig is, zelfs vegetariër wil worden!

 

In de Korinthebrief komen een heleboel misstanden aan de orde en steeds weer brengt Paulus deze kerk terug bij de kern:

Of het nu gaat over ontucht, hoererij, partijschappen, afgoderij, welk eten je wel/niet mag eten, gaven van de Geest, profetie, klanktaal, zuip- en vreetpartijen tijdens het avondmaal…

Steeds komt Paulus terug bij: Waar zijn jullie in hemelsnaam mee bezig?!!! Besef je dan niet: Jezus is voor jullie gestorven, jullie zijn de tempel van de Heilige Geest, en jullie zijn het lichaam van Christus (zegt hij in H12).

 

En dan zegt hij dingen als: doe alles om de familie van Jezus op te bouwen, of je nou profeteert, of bidt, of zingt…

Als één gelovige lijdt, dan lijdt de hele kerk…

Wacht op elkaar bij het eten, geef elkaar voorrang bij het profeteren, leef een heilig leven!

 

Allemaal om de simpele, maar hele belangrijke reden dat Jezus voor ons gestorven is en omdat we zijn lichaam zijn, zijn tempel, zijn familie!

En dat is niet alleen zo in een brief, maar door het hele Nieuwe en ook het Oude Testament heen.

God heeft zich een volk verworven, een nieuwe familie, en de familieleden horen bij elkaar, omdat ze bij Jezus horen.

 


Toepassing

In je boekje staat een hele mooie Engelse ezelsbruggetje om je op weg te helpen als MC om het licht van Jezus in de straat (i.t.t. van de straat) te laten schijnen.

Eerder hebben we ook al eens iets gezegd over de “elkaar verzen” in de Bijbel – lees die vooral nog eens na en breng ze in praktijk

 

bij elkaar komen – aansporen elkaar lief te hebben – goed te doen – bemoedigen

Heb. 10:19 Broeders en zusters, dankzij het bloed van Jezus kunnen we zonder schroom binnengaan in het heiligdom, 20 omdat hij voor ons met zijn lichaam een weg naar een nieuw leven gebaand heeft, door het voorhangsel heen. 21 We hebben nu een hogepriester die dienstdoet in het huis van God; 22 laten we God dan naderen met een oprecht hart en een vast geloof, nu ons hart gereinigd is, wij van een slecht geweten bevrijd zijn en ons lichaam met zuiver water is gewassen. 23 Laten we zonder te wankelen datgene blijven belijden waarop we hopen, want hij die de belofte heeft gedaan is trouw. 24Laten we opmerkzaam blijven en elkaar ertoe aansporen lief te hebben en goed te doen, 25 en in plaats van weg te blijven van onze samenkomsten, zoals sommigen doen, elkaar juist bemoedigen, en dat des te meer naarmate u de dag van zijn komst ziet naderen.

 

Goed doen – heel praktisch voor elkaar zorgen

Jakobus 2 Vrienden, stel dat iemand zegt dat hij gelooft, maar hij doet niet wat God van hem vraagt. Dan is zijn geloof zinloos, want hij zal niet gered worden.

15 Stel dat een gelovige geen kleren heeft, en te weinig eten heeft. 16 En stel dat jullie dan tegen hem zeggen: ‘Het beste ermee! Trek maar warme kleren aan, en ga maar lekker eten!’ Als je dat zegt zonder hem echt te helpen, zijn je woorden zinloos. Je moet zo iemand natuurlijk ook geven wat hij nodig heeft.

17 Zo is het ook met het geloof. Als iemand gelooft, maar niet doet wat God van hem vraagt, is zijn geloof waardeloos.

 

Heiliging is onze gezamenlijke verantwoordelijkheid

Gal. 6 Broeders en zusters, wanneer u merkt dat een van u een misstap heeft begaan moet u, die door de Geest geleid wordt, hem zachtmoedig weer op h