Het beloofde Koninkrijk

Teun gaat verder in de prekenserie over God’s big picture, het koninkrijk. Ditmaal over het beloofde koninkrijk.

 

Het eeuwige plan van God

 

Gods plan is perfect. Uitgebeeld in de eerste hoofdstukken van Genesis zien we het patroon van het Koninkrijk van God. Een scene waarin de koning in het middelpunt van het koninkrijk staat. Alle eer aan God.

 

Met één actie weet de mens tegen het plan van God in te gaan. De mens wil niet langer dat de koning in het middelpunt van het koninkrijk staat, maar de mens zelf.

Met alle gevolgen van dien:

  • Relaties worden verstoord. (relaties tussen mensen, tussen de mens en de overige schepping en de relatie tussen mens en God).
  • De dood

 

 

Kommer & Kwel

 

Van het eeuwige en geweldige plan van God lijkt weinig terecht te komen.

Na het patroon van het koninkrijk en de ondergang zijn we een in een diep gat gevallen. Het kwaad, de dood, moeilijkheden buitelen over elkaar vanaf hoofdstuk 3 van Genesis. Nog maar zo kort bezig en het ziet er nu al hopeloos uit.

In de verhalen van de eerste hoofdstukken is er een repeterend thema te zien:

 

zonde → rechtvaardig oordeel

 

Zondvloed: God die berouw heeft van het maken van de mens en bedroefd is door hun slechtheid. Omkering van de schepping:

  • vernietiging van de schepping
  • het water had honderdvijftig dagen lang de overhand op de aarde

zonde: Genesis 6:3 en 6:5 alles wat de mens bedenkt in zijn hart is slecht.

Rechtvaardig oordeel: Genesis 6:7 Ik zal de mens die Ik geschapen heb van de aardbodem verdelgen, van de mens tot het vee, tot de kruipende dieren en tot de vogels in de lucht to, want Ik heb er berouw over dat Ik hen gemaakt heb.

 

 

Babel: God die neerdaalt om de stad en de toren te zien die de mensen aan het bouwen waren. En de Heer zei: dit is het begin van wat zij gaan doen.

 

Zonde: laten wij voor ons een stad bouwen, laten wij voor ons een naam maken, anders worden wij over heel de aarde verspreid.

Rechtvaardig oordeel: Kom laten wij hun taal verwarren, zodat zij geen van allen elkaars taal zullen begrijpen. Zo verspreidde de Heer hen vandaar over heel de aarde

 

Deze geschiedenissen laten het patroon van de mens zien. Dit is waar de mens toe in staat is. Dit zijn de gevolgen van die eerste keuze, om God niet langer in als middelpunt van Zijn koninkrijk te zien, maar de mens zelf.

 

 

Genade

 

zonde → rechtvaardig oordeel → genade

Het oordeel is niet het enige antwoord op de zonde. God blijkt keer op keer een God van genade te zijn. Al vanaf de eerste zonde, laat God zien dat Hij ondanks de mens door wil gaan met Zijn plan.

 

Adam & Eva krijgen kleding ter bescherming en om hun schaamte weg te nemen. Om hen te beschermen tegen zichzelf dat zij van de vrucht van het eeuwige leven zullen eten worden zij gescheiden van  de boom van het leven. De genade wordt vooral zichtbaar in de profetie die de slang krijgt:

 

En Ik zal vijandschap teweegbrengen tussen u en de vrouw, en tussen uw nageslacht en haar nageslacht; dat zal u de kop vermorzelen, en u zult het de hiel vermorzelen.

 

We krijgen hier een glimpje van Jezus te zien. Gelijk nadat de mens in zonde gevallen is maakt God duidelijk: dit is niet het einde, Ik ga door met Mijn plan, Ik zal overwinnen.

 

 

En Kaïn zei tegen de Heer: Mijn misdaad is te groot om vergeven te worden…. Maar de Heer merkte Kaïn met een teken zodat niemand hem zou kunnen doden.

 

..want Ik heb er berouw over dat Ik hen gemaakt heb. Maar Noach vond genade in de ogen van de Heer.

 

 

God gaat door: Abraham

 

Abram komt het verhaal van God binnenwandelen.

 

De ellende van de zondvloed en de toren van babel hebben we achter de rug. Dan begint in Genesis 11:10 een geslachtsregister; de afstammelingen van Sem. De schrijver wil hier een statement maken. We weten hoe de mens is. We zien zonde, verderf, de dood en ellende, maar ook rechtvaardig oordeel en genade. Het geslachtsregister is een opmaat naar een statement van God. De  opsomming van geslachten laat zien dat God ondanks alles doorgaat. Hij heeft een plan, een eeuwig plan.
Plotseling stopt het register bij Abram. Zijn vader was Terah en die had een plan om naar Kanaän te gaan, maaar was in Haran blijven steken.

 

Wat is er zo bijzonder aan Abram? Abram is zo bijzonder omdat hij een belofte kreeg van God. De geschiedenis van Abram laat vooral iets zien van de genade en trouw van God. God heeft een plan en er is niets dat hem er van kan weerhouden om dat plan uit te voeren.

Abram is gewoon de zoon van Terah. Hij had niets goeds ingebracht om in de gunst van God te komen. God had hem uitgekozen omdat Hij dat wilde.

 

Dat Abram niets bijzonders had wordt duidelijk in zijn levensloop. Het gaat een beetje op en neer met Abram. De ene keer denk je: “wow, wat een geloof!”.

Hij gelooft God op zijn woord en vertrekt.

De andere keer denk je bij het lezen: “hoe kun je nou zo stom zijn?!”. Als Abram en Sara Egypte intrekken lijkt het Abram beter om een toneelstukje op te voeren waarbij Sara en hij broer en zus zijn, omdat hij zijn hachje wil redden. Van die fout leert hij ook niet echt, want hij voort hetzelfde stuk nog eens op in een ander land.

 

 

 

Maar God geeft Abram een belofte:

 

Genesis 12:1-4

De Heer nu zei tegen Abram: Ga uit je land, uit je familiekring en uit het huis van je vader, naar het land dat Ik je zal wijzen.
Ik zal je tot een groot volk maken, je zegenen en je naam groot maken; en je zult tot een zegen zijn.
Ik zal zegenen wie jou zegenen, en wie jou vervloekt, zal Ik vervloeken; en in jou zullen alle geslachten van de aardbodem gezegend worden.

Toen ging Abram op weg, zoals de Heer tot hem gesproken had, en Lot ging met hem mee. Abram was vijfenzeventig jaar oud toen hij uit Haran vertrok.

 

Drie elementen uit de belofte aan Abram:

 

  1. Land: Ga naar het land dat Ik je zal wijzen.
  2. Volk: Ik zal je tot een groot volk maken.
  3. Zegen: Ik zal je zegenen en in jou zullen alle geslachten van de aardbodem gezegend worden.

 

Abram was niet een bijzonder iemand. Maar een kenmerk van Abrams leven is geloof.

 

Het beloofde koninkrijk

 

De belofte aan Abram is een belofte van het Koninkrijk van God:

 

  1. Land: Ik zal aan u en uw nageslacht na u het land waar u vreemdeling bent, heel het land Kanaän, als eeuwig bezit geven. (Genesis 17:8)
  2. Volk: een eeuwig verbond om voor u een God te zijn en voor uw nageslacht na u. (Genesis 17:7)
  3. Zegen: Ik zal je tot een groot volk maken, je zegenen en je naam groot maken; en je zult tot een zegen zijn. Ik zal zegenen wie jou zegenen, en wie jou vervloekt, zal Ik vervloeken; en in jou zullen alle geslachten van de aardbodem gezegend worden. (Genesis 12:2-3)

 

We zien dit terug in de hele bijbel. Keer op keer wordt er verwezen naar de belofte aan Abram.

 

Psalmen, Profeten, evangeliën, brieven; allemaal verwijzingen naar Abram en de belofte die aan hem gedaan wordt. De rest van de bijbel is als het ware de uitkomst van de belofte in Genesis 12.

 

 

Het Koninkrijk van God

Het patroon van het Koninkrijk

Ondergang van het Koninkrijk

Het beloofde Koninkrijk

Gods Volk

Adam en Eva

Geen

Nageslacht van Abraham

Gods plaats

Het paradijs

Verbannen

Kanaän

Gods regering en zegen

Gods Woord;

Perfecte relaties

Ongehoorzaamheid

en vloek

Zegen voor nageslacht en de volken

 

 

Galaten 3:7 Begrijp dan toch dat zij die uit het geloof zijn, Abrahams kinderen zijn.

 

Galaten 3:29 En als u van Christus bent, dan bent u Abrahams nageslacht en overeenkomstig de belofte erfgenamen

 

Erfgenamen: Dat wat voor Abraham geldt, geldt voor ons.

 

Genade

 

Zoals Abram uitgekozen werd op basis van Gods genade, zo zijn wij uitgekozen op basis van diezelfde genade.

 

Geloof

 

Romeinen 4 en Galaten 3: Abraham geloofde God en het werd hem tot gerechtigheid gerekend.

Galaten 3:14 opdat de zegen van Abraham in Christus Jezus tot de heidenen zou komen en opdat wij de belofte van de Geest zouden ontvangen door het geloof.

 

Zegen

 

Galaten 3:9 zij die uit het geloof zijn, worden gezegend tezamen met de gelovige Abraham.

 

De zegen van Abraham was met het oog op de volken. De zegen zou niet tot hem beperkt blijven. De zegen blijft ook niet bij ons steken, maar wij zijn gezegend met het oog op de volken. Ik zal je zegenen, wees een zegen zegt God.

 

Voor thuis:

 

Lees:                Genesis 12-23 en de brief aan de Galaten

Denk na:           over hoe je kunt uitleggen èn uitleven dat de belofte aan Abram werkelijkheid is geworden in Jezus.

Kijk:                 om je heen, bid en wees tot een zegen.

Bespreek:          de beloftes die God heeft gedaan en bid er voor.