Jezus komt spoedig

Joop legt uit dat we in de eindtijd leven en wat dat betekent.

Emmanuel heeft mij gevraagd om in deze dienst wat te vertellen over het werk dat ik doe voor RM.

Ik wil dat inpassen in een preek over de tijd waarin we leven.

Op het moment dat Jezus in de wereld kwam, begon wat we zouden kunnen noemen de eindtijd: na lange voorbereiding was ‘het Koninkrijk van God gekomen’. Vanaf dat moment was het koninkrijk open voor ieder die dat wil door Jezus.

Toen Jezus terugging naar de Vader gaf Hij Zijn kerk de opdracht om af te maken wat Hij begon, nl. het Koninkrijk van God te laten zien en te verkondigen.

In deze tijd leven we in het einde van de eindtijd. Na een lange periode van duisternis (de Middeleeuwen) begon God Zijn kerk te herstellen (Luther –  Calvijn – etc. – de Pinksterbeweging – de ‘restauratiebeweging’) om Zijn bruid gereed te maken voor Zijn komst.

Maar ook zien we in hevigheid toenemen de zaken die Jezus voorspelde in zijn preek over de laatste dingen.

Lezen: Matth. 24: 1-14:

1 En Jezus ging de tempel uit en vertrok. En zijn discipelen kwamen tot Hem om Hem op de gebouwen van de tempel te wijzen. 2 En Hij antwoordde en zei tot hen: Zien jullie dit alles niet? Voorwaar, Ik zeg jullie, er zal hier geen steen op de andere gelaten worden, die niet zal worden weggebroken.

3 Toen Hij op de Olijfberg zat, kwamen zijn discipelen alleen bij Hem en zeiden: Zeg ons wanneer zal dat gebeuren, en wat is het teken van uw komst en van de voleinding der wereld? 4 En Jezus antwoordde hen: Let op, dat niemand jullie verleidt. 5 Want velen zullen komen onder mijn naam en zeggen: Ik ben de Christus, en zij zullen velen verleiden. 6 Ook zullen jullie horen van oorlogen en van geruchten van oorlogen. Maar laat je dat niet verontrusten; want dat moet gebeuren, maar het einde is het nog niet. 7 Want volk zal opstaan tegen volk, en koninkrijk tegen koninkrijk, en er zullen nu hier, dan daar, hongersnoden en aardbevingen zijn. 8 Maar dat alles is slechts het begin van de weeën. 9 Dan zal men jullie onderdrukken en doden, en jullie zullen door alle volken worden gehaat omwille van mijn naam. 10 Velen zullen dan ten val komen, ze zullen elkaar verraden en elkaar haten. 11 Er zullen talrijke valse profeten komen die velen zullen misleiden. 12 En doordat de wetteloosheid toeneemt, zal bij velen de liefde bekoelen. 13 Maar wie standhoudt tot het einde, zal behouden worden. 14 En het goede nieuws over het koninkrijk zal in de hele wereld worden verkondigd als getuigenis voor alle volken, en dan zal het einde komen.

1.   De wereld anno 2014.

De zaken die Matth. 24  hier noemt (oorlogen, genocide, natuurrampen e.d.) hebben altijd door de geschiedenis plaats gevonden (vgl. de 7 zegels – concentrische cirkels – uit Openbaring), echter vlak voor de komst van Jezus zullen ze in hevigheid toenemen. 

Met Jezus’ kruisdood was satans rol als de ‘aanklager van onze broeders’ (Openb. 12:10; vgl. ook Job 1 en 2) uitgespeeld: ‘er is geen veroordeling voor hen die in Christus Jezus zijn’ (Rom. 8:1).

Openb. 12 leert dat als gevolg van Christus’ overwinning satans plaats in de hemel was uitgespeeld en hij ‘ter aarde werd geworpen’.

Koloss. 2:15: ‘Hij heeft de overheden en machten ontwapend en openlijk tentoongesteld en zo over hen gezegevierd.’ Door Zijn kruisdood heeft Jezus satan beroofd van zijn kracht om christenen voor God aan te klagen.

Het effect van dit verlies is, dat hij al zijn pijlen op Gods volk en Gods schepping richt: ‘Daarom: juich, hemel, en allen die daar wonen! Maar wee de aarde en de zee: de duivel is naar jullie afgedaald in grote grimmigheid, want hij weet dat hij weinig tijd heeft’ (Openb. 12:12).

In de eindtijd die begon met Jezus’ overwinning over de macht van satan en de zonde en de dood, gaat satan meer tekeer dan ooit. Voorbeelden:

  • De holocaust; Hitlers poging om Israel, Gods volk van de belofte uit te roeien. Dit heeft geleid tot de intensivering van de zoektocht van de Joden naar een eigen staat, met alle gevolgen van dien in de voortdurende strijd tussen Joden en Arabieren.
    We zien bij de militante moslims/Arabieren hetzelfde verlangen dat we zagen bij de Amalekieten, bij Haman en bij Hitler: de uitroeiing van Israel.
  • De christenvervolging: in de laatste decennia zijn meer christenen om hun geloof vervolgd en gedood dan ooit tevoren.

Satans uiteindelijke doel is om alles wat aan God herinnert, wat van Hem is, uit te roeien: Zijn schepping, het oude volk dat de weg voor redding bereid heeft (het heil is uit de Joden) en Gods nieuwe volk, waarin Hij Joden en heidenen verenigd heeft: de christenen. Vandaar dat Jezus ons waarschuwt: en gij zult door allen gehaat worden. Vgl. ‘Als ze het groene hout (Jezus) niet gespaard hebben, zullen ze ook het dorre hout (zijn nakomelingen) niet sparen’ (Luk. 23:31).

  • Genocides op grote schaal: de Armeense genocide, Cambodja, op de Balkan en nu recent in het Midden-Oosten.
  • Revoluties en ‘stammenstrijd’. ‘Volk zal opstaan tegen volk’.

N.B.: het is opvallend hoeveel aandacht de strijd in Palestina krijgt (vergeleken met de numeriek veel grotere rampen als Syrie, IS, de Afrikaanse slachtingen etc. Alle haat van de wereld balt zich samen tegen deze kleine Joodse staat, een situatie die veel minder dreigend is dan die van de stichting van het nieuwe kalifaat.

Het juiste perspectief is belangrijk: de inwoners van Israel zijn even zondige mensen als de rest van de wereld, maar ze proberen een redelijk ‘menselijke’ oorlog te voeren en hun eigen bevolking te beschermen, wat elke degelijke staat zou doen. Maar ze doen het hoe dan ook fout in de wereld. Israel draagt het kenmerk met zich mee van God Die omgezien heeft naar Zijn wereld, wat de wereld niet wil. Het zgn.’vrije Westen’ wil evenzeer alles wat aan God herinnert, uitwissen.

 

  • Verdeeldheid onder christenen. Jezus zei in Matth. 24:10 dat de christenen, terwijl ze onder de aanval van de wereld liggen, ook nog eens ‘elkaar zullen haten en verraden’.

Ook dit zien we gebeuren: kerken die scheuren, leiders die elkaar de tent uitvechten en gelovigen die elkaar publiekelijk aan de schandpaal nagelen.

In de christelijke wereld is een gezegde dat christenen hun eigen gewonden doden.

Kerkleiders zijn maar mensen en maken fouten. In hun dagelijks leven en hun stijl van leiderschap. Daarvoor hebben ze mensen om zich heen nodig voor correctie en bemoediging. Maar geen publieke schandpalen.

  • Toename van natuurgeweld (tsunami’s, global warming, klimaatveranderingen, (schalie)gaswinningen etc.

 

2.   Dit is nog niet het einde!

Toch zijn al deze dingen slechts de ‘weeën’, de vooraankondigingen. Hét teken voor de komst van Jezus is vers 14: ‘En het goede nieuws over het koninkrijk zal in de hele wereld worden verkondigd als getuigenis voor alle volken, en dan zal het einde komen’. 

Daarvoor heeft Jezus de kerk geschapen en geroepen. Daarom is God begonnen de kerk te herstellen.

Gelovigen zijn niet geroepen om in afzondering, als individuen te leven en de opdracht uit te voeren, maar als een volk; de kerk.

God wil niet slechts een volk (de kerk) in standhouden, maar Hij wil dat de boodschap van verlossing in heel de wereld gepredikt wordt, opdat Hij een volk kan behouden uit alle volken; een veelkleurig volk (alle stam, taal en natie), om Zijn veelkleurigheid te weerspiegelen (daarom zijn we een internationale kerk!).

N.B. Een kerk die zichzelf alleen maar in stand probeert te houden, verliest uiteindelijk zijn kracht en zijn leven (vgl. ‘Wie zijn leven zal willen….’).

Jezus gaf bij Zijn vertrek deze opdracht aan de kerk en dat is in feite de reden van haar bestaan. Een kerk die niet alles geeft voor de Grote Opdracht heeft geen bestaansrecht en geen bestaansmogelijkheid.

Maar deze opdracht kan alleen vervuld worden door een gezonde kerk (niet een volmaakte kerk).

Twee dingen zijn in mijn leven en bediening belangrijk:

  • de bouw van een Bijbelse en gezonde kerk waarvan Jezus het Hoofd is;
  • de verkondiging van het evangelie van verlossing door Jezus.

Vanaf het moment dat ik hier begonnen ben is het mijn doel geweest om een gezonde en sterke kerk te zien ontstaan. Daarvoor heb ik mij de afgelopen 14 jaar ingezet. En dat is gelukt. We hebben een kerk met goede leiders, een degelijke theologie en een verlangen om de wereld te bereiken met het evangelie.

Daar houdt mijn taak als leidende oudste op en is het de opdracht van Emmanuel om samen met het oudstenteam de volgende fase in te gaan: de wereld te bereiken.

Evenmin als een gelovige op zichzelf kan staan, kan een kerk dat. Kerken hebben elkaar en apostolische bediening nodig (zie Hand. 15).

Mijn taakveld is uitgebreid naar meerdere kerken dan alleen een enkele.

Sinds enkele jaren maak ik deel uit van het apostolisch team van Mike Betts (Relational Mission) waar onze kerk bij aangesloten is.

Efez. 2:20: ‘gebouwd op het fundament van apostelen en profeten’.

Apostelen en profeten spelen een belangrijke rol bij de ontwikkeling van een kerk.

 

Drie belangrijke principes bij apostolisch werk:

1. Een apostolisch leider werkt alleen waar hij ‘welkom’ wordt geheten, dus in feite op uitnodiging. Het apostolisch team legt niets op; wij bieden iets aan. Voor het welzijn van de kerk en de missie van de kerk doet een kerk er goed aan een apostel met open armen te ontvangen (vgl. Hand. 11:26: ‘Paulus en Barnabas werden een jaar lang gastvrij in de gemeente ontvangen’).

2. Een apostolische bediening werkt alleen in relatie. De gemeentes en haar leiders hielden van de apostelen en omgekeerd (‘mijn kinderen omwille van wie ik weeën doorsta’). 

3. Apostolische hulp en ondersteuning is vrijwillig en op uitnodiging, maar niet vrijblijvend (vgl. Het advies bij de aanstelling van oudsten). Voorbeeld is Hand. 15: de (leiders van de) gemeente zochten raad bij de oudsten, en namen die raad ook ter harte.

 

3.   Mijn nieuwe missie

Een korte historie:

Foto 1: Nf, gesticht door Terry Virgo

Foto 2: Terry Virgo: gebruikt om de kerk een heel ander gezicht te geven (boek: het herstel van de gemeente)

Transformatie van NF naar meerdere spheres: video.

Foto 3: zo begon RM (als onderdeel van NF)

Foto 4: ontwikkeling tot een eigen sphere; de apostelen van de spheres vormen samen NF

Foto 5: Mike Betts, leider van het apostolisch team

Foto 6: Het apostolisch team

Foto 7: de leiders van de Nederlandse RM-kerken (Kadosh staat er nog niet op).

Foto 8: de leiders van de Duitse kerken (niet allemaal RM)

Foto 9: Gerhard en gezin uit Steinen

Foto 10: Eugen Heppler, leidende oudste uit Weil (al lang deel van RM).

Belangrijk: verschil NF en RM: NF is de grotere familie, nu opgedeeld in spheres. De spheres vormen samen NF, de kerken maken deel uit vaneen sphere.

Feitelijk doe ik nu hetzelfde als ik in de afgelopen jaren in CCG heb gedaan: fundamenten leggen in kerken, helpen en trainen van leiders en adviseren naar een gezonde kerk met oog voor de missie. Samen met andere leden van het apostolisch team, al naar gelang onze gaven.

Kort verslag van mijn werk:

  • deel van het apostolisch team (3 x per jaar samen en daarnaast google hangouts). O.a. inbreng t.b.v. ‘mainland Europe’ (>> CPIT, LEAD, P & E, GoP-tour);
  • Spreken in RM-kerken in Nederland, Duitsland en Engeland;
  • De NGT-kerk Zoetermeer als jongste loot van RM (Arie helpt bij het leggen van het fundament – spelen naar je sterktes); 
  • Utrecht: survey van de kerk, leiders trainen, oudsten aanstellen, fundamentenonderwijs en sprekerscursus;
  • Berkel: onlangs oudsten bevestigd, leidersfundamenten gelegd, met Gert sparren over de kerkplant Rotterdam, het oudstenteam ondersteunen.
  • Reeuwijk: ondersteuning oudstenteam, meehelpen om te komen tot uitbreiding oudstenteam, sparren over kerkplant Gouda;
  • Steinen: spreken, trainingen, leideronderricht, onlangs twee nieuwe oudsten bevestigd;
  • Weil: spreken en leidersontmoeting;
  • Wilster: helpen de kerk gezond te worden;
  • Voorbereiden, organiseren en onderwijs geven inzake CPIT;
  • Idem: LEAD;
  • Namens het apost. Team adviseren en ondersteunen bij kerkoverstijgende RM-activiteiten in Nederland en Duitsland.

Een en ander betekent dat ik veel onderweg ben. Bovendien ben ik ook semi-retired. Ik maak nog deel uit van het oudstenteam van CCG, zolang nodig en mogelijk is, maar zal minder betekenen voor de eigen kerk.

Slot: (evt.) Lezen: Matth. 24: 45-51:

45 Wie is die betrouwbare en verstandige dienaar die de heer heeft aangesteld over zijn huispersoneel om hun op tijd te eten te geven? 46 Gelukkig de dienaar die daarmee bezig is wanneer zijn heer komt. 47 Ik verzeker jullie: hij zal hem aanstellen over alles wat hij bezit. 48 Slecht is echter de dienaar die bij zichzelf zegt: Mijn heer blijft voorlopig nog weg, 49 en die zijn mededienaren begint te slaan en het met dronkaards op een slempen zet. 50 Dan zal de heer van die dienaar komen op een dag waarop hij het niet verwacht en op een tijdstip dat hij niet kent, 51 en hij zal hem straffen met zijn zwaard en hem het lot van de huichelaars laten ondergaan; daar zal hij met hen jammeren en knarsetanden.

Het is belangrijk voor een kerk en voor gelovigen om te weten waarvoor ze bestaan: namelijk om te zorgen dat de wereld ‘te eten’ krijgt, m.a.w. bekend gemaakt wordt met het evangelie.

Gelovigen leven maar voor één ding: de verkondiging van het evangelie en doen en ontzeggen zich alles wat daarvoor nodig is.

 Verwachten wij Jezus spoedig?