Ode aan de vrouw

Op moederdag legt Joop uit hoe goed het is dat God de vrouw heeft gemaakt door voorbeelden uit de Bijbel te geven. 

Vandaag een preek over vrouwen; niet alleen moeders, maar vrouwen in het algemeen.

 

Gen. 1:26-28; 2:21-23; 1 Kor. 11:8-12.

God in Zijn wijsheid schiep de mens als twee wezens: man en vrouw. Binnen die eenheid van de schepping maakt hij een soort van rolverdeling: de man was degene die van God de opdracht had gekregen en voorop moest gaan en de vrouw was hem gegeven tot een hulp, om hem te vervolmaken.

Vandaag niet spreken over het huwelijk of de vrouw als moeder, maar over de vrouw als degene die haar bijdrage levert aan het plan van God met de wereld.

In het werelds denken worden man en vrouw van elkaar losgekoppeld, of soms zelfs tegenover elkaar gezet. Vb. zie je in het feminisme, waarin man en vrouw niet als harmonie, als samenwerkend worden gezien, maar meer in competitieve zin: ‘slechts …. % van de leidinggevenden zijn vrouw’ of  ‘er moeten meer vrouwen in…’. 

God heeft man en vrouw bedoeld als een harmonische eenheid die samen de aarde zouden onderwerpen en vervullen. Samen zijn ze mens!

Toch, in hun samen mens zijn, vervullen ze wel ieder een specifieke rol in Gods plan, maar niet met het doel de ene ‘soort’ tegenover de andere te zetten, maar om elkaar te versterken en aan te vullen.

We zien hoe door de geschiedenis heen (tot op de dag van vandaag) vrouwen door de mannen zijn achtergesteld en hoe het oorspronkelijke harmonieuze plan van God geweld wordt aangedaan: in sommige culturen worden ze misbruikt, in andere monddood gemaakt.

In Jezus’ tijd waren vrouwen onderworpen aan strenge wetten (b.v. in de omgang met mannen), niet omdat God dat zo bedacht had, maar omdat dit door de mannen zo uitontwikkeld is.

Jezus doorbreekt alle bestaande conventies op dat gebied, door met vrouwen te praten (als man!), met ze te spreken, ze aan te (laten) raken etc. Daarmee herstelt Hij de bedoeling van God Die de vrouwen een eigen plaats in de geschiedenis gaf. Voorbeelden:

We kennen allemaal Jochebet, de moeder van Mozes, en Mirjam, zijn zuster, die samen met de dochter van de Farao de loop van de geschiedenis van het volk van God beïnvloed hebben. Drie vrouwen op een cruciaal moment in de geschiedenis.

Rachab, de prostituée, die de Israëlitische verspieders verborg. Haar naam komt voor in het geslachtsregister van Jezus.

Ruth, de Moabitische, een voorbeeld van zuiverheid en ondernemingszin.

Hannah, de moeder van Samuël, die zich niet neerlegde bij haar lot.

Abigaïl, de vrouw van Nabal, die David voor een grote fout had behoed en die later zijn vrouw is geworden.

Esther, die haar charmes inzet om een volk te redden.

Maria, de moeder van Jezus, die zich in gehoorzaamheid overgaf aan de wil van God, opdat de mensheid gered zou worden.

Zomaar wat voorbeelden van vrouwen die op een cruciaal moment in de geschiedenis een cruciale plaats in Gods heilsplan innamen. En dan hebben we het nog niet gehad over de vrouwen die tot Jezus’ laatste uren bij Hem bleven: o.a. de 3 Maria’s, Salomé, Johanna en vele andere vrouwen. Alle vier de evangelisten verhalen dit, als contrast met de mannen die uit angst waren gevlucht. Jezus openbaarde Zich na Zijn Opstanding dan ook als eerste aan de vrouwen.

>>> Wie denkt dat de weg van God met de mensen een zaak van mannen is, heeft de Bijbel niet goed gelezen.

Natuurlijk heeft God de mannen de opdracht gegeven om het voortouw te nemen, maar wetende hoe de mens is en in Zijn genade gaf Hij de mannen een onmisbare hulp: vrouwen. Dit geldt m.i. niet alleen voor het huwelijk, of het moederschap, maar voor alle vrouwen.

Vandaag spreken over twee vrouwen die het verschil maakten in hun tijd.

 

1.      Debora (Richteren 4: 1-9; 5:6,7)

Nadat Ehud gestorven was, deden de Israëlieten opnieuw wat kwaad is in de ogen des HEREN. 2 Toen gaf de HERE hen over in de macht van Jabin, de koning van Kanaän, die regeerde te Hasor, en wiens krijgsoverste Sisera was, die te Charoset-Haggojim woonde. 3 En de Israëlieten riepen tot de HERE, want hij bezat negenhonderd ijzeren strijdwagens en hij had de Israëlieten wreed verdrukt, twintig jaar.

4 De profetes Debora, de vrouw van Lappidot, richtte destijds Israël; 5 zij was gewoon zitting te houden onder de Deborapalm tussen Rama en Bet-El op het gebergte van Efraïm, en de Israëlieten kwamen bij haar voor een rechterlijke uitspraak. 6 Zij nu ontbood Barak, de zoon van Abinoam uit Kedes in Naftali, en zeide tot hem: Heeft de HERE, de God van Israël, niet geboden: ga heen, trek naar de berg Tabor en neem met u tienduizend man Naftalieten en Zebulonieten, 7 en Ik zal aan de beek Kison Sisera, de krijgsoverste van Jabin, naar u toe voeren met zijn strijdwagens en zijn troepen, en Ik zal hem in uw macht geven? 8 Barak echter zeide tot haar: Indien gij met mij gaat, zal ik gaan, maar indien gij niet met mij gaat, ga ik niet. 9 Zij zeide: Ik ga met u mee, maar gij zult geen eer behalen op de tocht die gij onderneemt, want in de macht van een vrouw zal de HERE Sisera overgeven. Toen stond Debora op en ging met Barak naar Kedes.

Die dag zongen Debora en Barak, de zoon van Abinoam, dit lied:

2 ‘Loof de HEER, omdat Israël zijn haren dreigend loswierp,

loof de HEER, omdat Israël zich meldde voor de strijd.

3 Koningen en vorsten, luister en hoor toe hoe ik de HEER bezing,

een lied zing voor de HEER, de God van Israël.

4 HEER, de aarde beefde toen u voortschreed vanuit Seïr;

toen u optrok vanuit Edom stortte water uit de hemel en de wolken neer.

5 Voor de heerser van de Sinai wankelden de bergen,

voor u, HEER, u, de God van Israël.

6 Onder Samgar, de zoon van Anat, in de tijd van Jaël,

begaf geen karavaan zich nog op weg.

Wie toch op reis moest, nam de kronkelpaden.

7 Aanvoerders ontbraken, het land kende geen leiding

totdat jij opstond, Debora, opstond als een moeder in Israël.

 

In de tijd van de rechters was het volk van God redelijk stuurloos: ‘ieder deed wat goed was in zijn ogen’ (Richt. 21:25).

De tweede generatie Israëlieten die Jozua niet gekend hadden (Richt. 2:10),  maakten er een potje van, totdat God ingreep en ze in benauwing bracht. Dan ‘riepen ze tot de Here’, en Hij bracht uitkomst door een leider op te laten staan, die het volk verloste en leidde. Tot hij stierf en dan ging het weer van voren af aan.

Dan voert God Debora ten tonele.

Zij was een profetes, hield zitting en sprak de woorden Gods.

Zij geeft namens God Barak de opdracht om op ter trekken tegen het leger van Sisera en God zal ze in hun macht geven.


Barak durft eigenlijk niet (geen geloof?) en wil alleen gaan als ze meegaat. Dat doet ze, maar God zal dan de eer geven aan een vrouw. Uiteindelijke slaat de Hebreeuwse Jaël een tentpin door Sisera’s slaap.

 

Principes:

Debora, de vrouw van Lappidot: in lijn met de scheppingsorde.

Barak, de zoon van Abinoam: de man als aanvoerder van zijn huis.

Elk hadden hun eigen specifieke taak: Debora was profetes, Barak was een aanvoeder, een krijgsman. Hij ‘dwong’ haar in een situatie waarote ze niet geroepen was: meegaan op veldtocht.

Debora sprak, Barak moest gehoor geven aan Gods woord. Maar feitelijk doet hij net als Adam: hij verschuilt zich achter deze vrouw, hoewel God hem geboden had op te trekken.

Citaat: ‘Niet sterke vrouwen zijn een probleem, maar zwakke mannen.’

Gods reactie: ere wie ere toekomt: Jaël, opdat Barak niet met de eer gaat strijken.

Het probleem van Israël was dat er geen leiders waren (Richteren 5:7), totdat Debora opstond als een moeder….. Hoewel God haar de leiding geeft, doet Hij haar identiteit geen geweld aan: als een moeder….

Er is niets mis met vrouwen in leiderschap, maar ze moeten niet gedwongen worden om een rol in te nemen die God ze niet heeft gegeven.

Interessant: oudsten zijn een soort van vaders voor de kerk, geen moeders.

Deze geschiedenis is een voorbeeld van harmonieuze samenwerking tussen man en vrouw, ook al laat deze man het een beetje afweten.

 

2.      De vrouw die de voeten van Jezus zalfde (Lukas 7:36-50)

36 Een van de farizeeën nodigde hem uit voor de maaltijd, en toen hij het huis van de farizeeër was binnengegaan, ging hij aan tafel aanliggen. 37 Een vrouw die in de stad bekendstond als zondares had gehoord dat hij bij de farizeeër thuis zou eten, en ze ging naar het huis met een albasten flesje met geurige olie. 38 Ze ging achter Jezus staan, aan het voeteneinde van het aanligbed; ze huilde en zijn voeten werden nat door haar tranen. Ze droogde ze met haar haar, kuste ze en wreef ze in met de olie. 39 Toen de farizeeër die hem had uitgenodigd dit zag, zei hij bij zichzelf: Als hij een profeet was, zou hij weten wie de vrouw is die hem aanraakt, dat ze een zondares is. 40 Maar Jezus zei tegen hem: ‘Simon, ik heb je iets te zeggen.’ ‘Meester, spreek!’ zei hij. 41 ‘Er was eens een geldschieter die twee schuldenaars had: de een was hem vijfhonderd denarie schuldig, de ander vijftig. 42 Omdat ze het geld niet konden terugbetalen, schold hij beiden hun schuld kwijt. Wie van de twee zal hem de meeste liefde betonen?’ 43 Simon antwoordde: ‘Ik veronderstel degene aan wie hij het grootste bedrag heeft kwijtgescholden.’ Hij zei tegen hem: ‘Dat is juist geoordeeld.’ 44 Toen draaide hij zich om naar de vrouw en vroeg aan Simon: ‘Zie je deze vrouw? Ik ben in jouw huis te gast, en je hebt me geen water voor mijn voeten gegeven; maar zij heeft met haar tranen mijn voeten natgemaakt en ze met haar haar afgedroogd. 45 Je hebt me niet begroet met een kus; maar zij heeft, sinds ik hier binnenkwam, onophoudelijk mijn voeten gekust. 46 Je hebt mijn hoofd niet met olie ingewreven; maar zij heeft met geurige olie mijn voeten ingewreven. 47 Daarom zeg ik je: haar zonden zijn haar vergeven, al waren het er vele, want ze heeft veel liefde betoond; maar wie weinig wordt vergeven, betoont ook weinig liefde.’ 48 Toen zei hij tegen haar: ‘Uw zonden zijn u vergeven.’ 49 Zijn tafelgenoten dachten bij zichzelf: Wie is hij, dat hij zelfs zonden vergeeft? 50 Hij zei tegen de vrouw: ‘Uw geloof heeft u gered; ga in vrede.’

Een verhaal met tegenstellingen:

·         De rechtvaardige, vrome Farizeeër versus een naamloze zondares

·         Een man die conventies belangrijker vindt dan een geheelde ziel

·         Een man die niet de moeite nam om Jezus de normale gastvrijheid te betonen versus een vrouw die zichzelf helemaal geeft in haar liefde voor Jezus

·         Een vrouw die alle tradities, de ogen van mensen, de vooroordelen trotseert om haar dank aan Jezus te uiten en daarmee een profetische daad verricht. Ook deze vrouw krijgt eer: Matth. 26:17 – in de hele wereld zal van haar gesproken worden.

Jezus gebruikt deze situatie om het principe van verlossing en vergeving te verduidelijken.

Kort gezegd: aan iemands reactie, leven kun je zien of die genade en vergeving heeft ontvangen.

Haar liefde was groot omdat ze veel vergeving had ontvangen…

Hij nam niet eens de moeite voor Jezus te zorgen, want hij ‘had geen vergeving nodig’; hij deed het immers niet slecht.

Dit werpt een beetje licht op Rom. 6:1: Betekent dit nu dat we moeten blijven zondigen om de genade te laten toenemen?

M.a.w. hoe meer vergeving we nodig hebben, hoe meer genade we ervaren en hoe groter onze liefde voor de Heer.

Het antwoord van Paulus is duidelijk: dat kan immers niet, want hoe zullen wij die aan de zonde zijn gestorven daar nog in leven.

 

Slot:

Dit is niet een verhaal over man-vrouw verhoudingen. God heeft weliswaar een ordening aangebracht, maar dat deed Hij met het oog op de relatie tussen Christus en Zijn bruid; een relatie waarin al vóór de schepping van man en vrouw was voorzien. Al vóór de schepping van de mens heeft God bepaald dat hij hiermee een beeld wilde schetsen van Christus (verbeeld in de man) en de Gemeente (verbeeld in de vrouw).

De reden dat de geschiedenis van deze vrouw staat opgeschreven, is niet alleen om het principe. Het is een uitdrukking van diepe liefde voor de Here Jezus. In schril contrast met de formalistische, oordelende houding van deze man.